Wat zijn de overgangsregelingen van de Wet goed verhuurderschap voor bestaande verhuurders?

Wat zijn de overgangsregelingen van de Wet goed verhuurderschap voor bestaande verhuurders?

Wendy van Veen ·
Versleten leren map met huurcontracten op een eikenhouten bureau naast een messing huisbeeldje, zacht natuurlijk licht.

De Wet goed verhuurderschap kent overgangsregelingen voor verhuurders die al vóór de inwerkingtreding van de wet actief waren. Bestaande huurcontracten hoeven niet direct te voldoen aan alle nieuwe verplichtingen, maar verhuurders krijgen een afgebakende periode om hun werkwijze aan te passen. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over wat de overgangsregelingen precies inhouden en wat je als verhuurder concreet moet doen.

Welke verhuurders vallen onder de overgangsregelingen?

De overgangsregelingen gelden voor verhuurders die al een actieve verhuurrelatie hadden op het moment dat de Wet goed verhuurderschap in werking trad. Concreet betekent dit: als je op 1 juli 2023 al een huurcontract had lopen, valt dat contract in principe onder de overgangsbepalingen. Nieuwe contracten die je daarna sluit, vallen direct onder de volledige wet.

Het onderscheid is dus niet wie je bent als verhuurder, maar wanneer het huurcontract is gesloten. Een verhuurder met zowel oude als nieuwe contracten kan dus te maken hebben met twee verschillende regimes tegelijkertijd. Dit vraagt om een goede administratie en een helder overzicht van welke contracten wanneer zijn ingegaan.

Hoe lang duurt de overgangsperiode voor bestaande huurcontracten?

Voor de meeste verplichtingen uit de Wet goed verhuurderschap geldt een overgangsperiode van één jaar na de inwerkingtreding. Dat betekent dat verhuurders met bestaande contracten tot 1 juli 2024 de tijd hadden om hun situatie in lijn te brengen met de nieuwe regels. In 2026 zijn die overgangsperiodes dus al verstreken en gelden de verplichtingen volledig.

Er zijn echter specifieke onderdelen van de wet waarvoor gemeenten eigen implementatietijdlijnen hanteren, met name rondom de verhuurvergunning. Gemeenten die een verhuurvergunning invoeren, kunnen daarvoor een eigen invoeringsperiode vaststellen. Controleer daarom altijd de lokale regelgeving van de gemeente waar je woningen verhuurt, want de exacte termijnen kunnen per gemeente verschillen.

Welke verplichtingen gelden direct en welke pas later?

Sommige verplichtingen uit de Wet goed verhuurderschap gelden direct voor alle verhuurders, ook voor bestaande contracten. De verplichting om een schriftelijke huurovereenkomst te verstrekken, geen onredelijke servicekosten te rekenen en huurders niet te discrimineren, is direct van kracht. Deze normen gelden zonder overgangsperiode.

Verplichtingen die meer organisatorische aanpassingen vereisen, kregen een langere invoeringstermijn. Denk aan:

  • Het informeren van huurders over hun rechten via een informatieblad
  • Het hebben van een werkbare klachtenprocedure
  • Het voldoen aan de eisen rondom een eventuele verhuurvergunning
  • Het naleven van regels rondom waarborgsom en servicekosten

In 2026 gelden al deze verplichtingen volledig. Als je nu nog niet voldoet aan een van bovenstaande punten, loop je een serieus risico op handhaving.

Wat moet een verhuurder concreet aanpassen vóór het einde van de overgangsperiode?

Een verhuurder moet vóór het verstrijken van de overgangsperiode een aantal concrete stappen zetten. De wet vraagt niet alleen om papierwerk, maar ook om aantoonbaar gedrag en aantoonbare processen.

De belangrijkste aanpassingen zijn:

  1. Huurcontracten actualiseren: Zorg dat alle contracten schriftelijk zijn en voldoen aan de wettelijke minimumvereisten.
  2. Informatieblad verstrekken: Huurders moeten een informatieblad ontvangen met uitleg over hun rechten en de klachtenprocedure.
  3. Klachtenprocedure vastleggen: Stel een interne procedure op en communiceer die actief naar huurders.
  4. Servicekosten transparant maken: Zorg voor een helder overzicht van wat je in rekening brengt en waarom.
  5. Verhuurvergunning aanvragen (indien van toepassing): Controleer of jouw gemeente een verhuurvergunning vereist en vraag deze tijdig aan.

Documenteer alles. Gemeenten kunnen handhaving starten op basis van klachten of steekproeven, en dan is het belangrijk dat je kunt aantonen dat je aan de verplichtingen voldoet.

Wat zijn de gevolgen als een verhuurder de overgangsperiode mist?

Als een verhuurder de overgangsperiode mist en niet voldoet aan de verplichtingen uit de Wet goed verhuurderschap, kan de gemeente handhavend optreden. Dit kan leiden tot een bestuurlijke boete, een last onder dwangsom of in ernstige gevallen zelfs tot intrekking van de verhuurvergunning.

De hoogte van de boetes is niet gering. Gemeenten kunnen boetes opleggen tot tienduizenden euro’s per overtreding, afhankelijk van de ernst en het aantal huurders dat wordt geraakt. Bij herhaalde overtredingen of ernstige misstanden kan de gemeente ook publiciteit inzetten via een zogenaamde naming-and-shaming aanpak.

Naast financiële gevolgen is er ook reputatieschade. Voor bedrijven die tijdelijke werknemers huisvesten, kan een handhavingsactie directe gevolgen hebben voor de zakelijke relaties met opdrachtgevers. Het is dan ook verstandig om niet te wachten op handhaving, maar proactief te zorgen dat alles op orde is.

Hoe verhoudt de Wet goed verhuurderschap zich tot SNF-certificering?

De Wet goed verhuurderschap en SNF-certificering zijn twee verschillende kaders, maar ze versterken elkaar sterk. De wet stelt wettelijke minimumnormen voor verhuurgedrag, terwijl de Stichting Normering Flexwonen (SNF) een kwaliteitskeurmerk biedt dat verder gaat dan de wettelijke basis. SNF-gecertificeerde woningen voldoen aan strenge normen op het gebied van veiligheid, bewoonbaarheid en leefomstandigheden.

In de praktijk betekent dit dat een verhuurder met een geldig SNF-keurmerk al een groot deel van de verplichtingen uit de Wet goed verhuurderschap aantoonbaar naleeft. Het SNF-keurmerk dient als bewijs van kwaliteit en compliance, wat gemeenten en opdrachtgevers geruststelt. Andersom geldt dat de wet verhuurders die geen SNF-certificering hebben, verplicht om alsnog aan vergelijkbare minimumnormen te voldoen.

Voor verhuurders die werken met arbeidsmigranten en buitenlandse werknemers is SNF-certificering dan ook meer dan een vrijwillig keurmerk. Het is een praktische manier om aan te tonen dat je serieus omgaat met de kwaliteit en veiligheid van je woningen, en dat je voldoet aan zowel de wettelijke als de marktstandaarden.

Hoe wij helpen met compliant personeelshuisvesting in Noord-Nederland

Alle woningen die wij aanbieden zijn gecertificeerd door de Stichting Normering Flexwonen (SNF). Dat betekent dat je als HR-manager of relocation-professional direct kunt rekenen op huisvesting die voldoet aan de hoogste normen voor veiligheid en kwaliteit, volledig in lijn met de Wet goed verhuurderschap.

Wat wij bieden:

  • SNF-gecertificeerde woningen in de Eemshaven, Delfzijl, Farmsum, Appingedam, Uithuizen en Roodeschool
  • Volledig ingerichte, direct instapklare accommodaties inclusief gas, water, elektriciteit, wifi en keukenapparatuur
  • Flexibele huurperiodes voor tijdelijke medewerkers vanaf één week, afgestemd op de behoeften van tijdelijke medewerkers
  • Transparante all-in prijzen zonder verborgen kosten
  • 24/7 ondersteuning voor jou en je medewerkers

Wil je weten hoe wij de huisvesting van jouw medewerkers snel en compliant kunnen regelen? Neem vandaag nog contact op met NL Housing en ontdek wat wij voor jouw organisatie kunnen betekenen.

Gerelateerde artikelen